www.fossiel.net

 Home Fossielen Evolutie en fossielen


Inleiding

Als je met fossielen bezig bent, komt automatisch de vraag hoe dat alles is ontstaan. Een fossiel van miljoenen jaren oud is een link met het (verre) verleden. In de geologische geschiedenis zien we voortdurend het komen en gaan van soorten. Soms zijn er zelfs perioden van massa-uitstervingen geweest, zoals aan het einde van het Krijt tijdperk toen onder andere de Dinosauriers zijn uitgestorven. Het proces van het ontstaan van nieuwe soorten noemen we Evolutie.

De evolutietheorie is de wetenschappelijke verklaring van het ontstaan van nieuwe soorten organismen op aarde uit andere soorten organismen. De eerste echte evolutie theorie werd beschreven door Charles Darwin in het boek "OnThe Origin of Species" uit 1859.

Na de publicatie van Darwin zijn vele nieuwe inzichten en aanpassingen aan de evolutietheorie toegevoegd. Zo bleek de ontdekking van chromosomen, DNA en het voorkomen van mutaties hierin perfect te passen in de bestaande evolutietheorie.

Evolutietheorie van Darwin

Charles Darwin (1808-1882) was degene die de basis legde voor de huidige evolutietheorie. Hij baseerde zijn theorie op eigen onderzoek, maar ook op het onderzoek van de geoloog Lyell, de zoöloog Lamarck, de anatoom Cuvier, Wallace en Malthus. Door de theorie van Darwin ontstond destijds in kerkelijke kring grote opwinding, omdat het niet klopt met het idee dat alle soorten geschapen zouden zijn.

Na een lange wereldreis en veel onderzoek heeft hij uiteindelijk zijn theorie gepubliceerd in 1859. Hij bezocht onder andere de Galapagos eilanden, waar hij 13 soorten op elkaar lijkende vinken onderzocht op de verschillende eilanden. Darwin concludeerde dat elke soort vink zich had aangepast aan de specifieke omstandigheden op het eiland waarop deze voorkomt. Na afloop van zijn reis deed Darwin nog veel onderzoek aan rassen sierduiven.

Darwin deed de volgende waarnemingen:

  • Variatie:
    Individuen van een populatie vertonen kleine verschillen. Een deel van die verschillen is erfelijk.
  • Reproductie overschot:
    Er zijn vele malen meer nakomelingen dan voor het voortbestaan van de populatie noodzakelijk is.
  • Constante populatie:
    Het aantal individuen in een populatie blijft in werkelijkheid vrijwel gelijk.

Darwin concludeerde dat er een "strijd om het bestaan" is tussen individuen in een populatie. Alleen de best aangepaste individuen zullen overleven ("survival of the fittest"). Deze sterkere individuen zullen zich ook in verhouding meer voortplanten, zodat sterkere eigenschappen verspreid worden binnen de populatie. De soort kan zich dan veranderen in de loop van de generaties.

Als een soort organisme in twee gescheiden populaties voorkomt (bijvoorbeeld gescheiden door een bergketen of zee), bestaat de mogelijkheid dat verschillende eigenschappen in de populaties zich verspreiden. Hierdoor kunnen dan uiteindelijk twee verschillende soorten ontstaan. Er is sprake van aparte soorten als de individuen geen vruchtbaar nageslacht meer kunnen produceren of als ze elkaar niet meer als partners zien. Darwin stelde dat natuurlijke selectie een verklaring is voor het ontstaan van nieuwe soorten.

Bewijzen

De bewijzen voor de evolutietheorie komen uit verschillende vakgebieden. In de loop van de tijd zijn er vele bewijzen bij gekomen.

Anatomie
Een bewijs voor de evolutie komt vanuit de anatomie. Gewervelde dieren, blijken allemaal hetzelfde basisbouwplan te hebben. Zo is heeft bijvoorbeeld de menselijke hand exact dezelfde positie van botten als in de vleugel van de vleermuis. Dit gaf volgens Darwin aan dat deze totaal verschillende wezens een gezamenlijke voorouder moeten hebben.

Embryo
Embryologie is het kijken naar de ontwikkeling van een embryo vanaf de bevruchting. Het blijkt dat sommige embryo's van dieren toch bepaalde eigenschappen ontwikkelen, maar ze helemaal niet nodig hebben. Zo heeft de mens bijvoorbeeld het staartbeentje, maar geen staart. Men kan veel over het evolutionaire verleden afleiden uit embryologische gegevens. Veel overeenkomsten in de verschillende stadia van de ontwikkeling van het embryo zijn terug te voeren tot een gemeenschappelijke afstamming.

Fossielen
De paleontologie is één van de belangrijkste bronnen van bewijsmateriaal voor de evolutietheorie. Door fossielen uit verschillende geologische perioden met elkaar te vergelijken kan een soort stamboom worden gemaakt in de tijd. Overgangsvormen of "Missing links" zullen nooit allemaal gevonden kunnen worden, simpelweg omdat er altijd weer een nieuwe Missing Link ontstaat als er een tussenvorm wordt gevonden. Ook is natuurlijk maar een klein deel van de organismen als fossiel bewaard gebleven. Door de overweldigende hoeveelheid onderzochte fossielen en geologische dateringstechnieken, is er een zeer uitgebreid beeld ontstaan van de ontwikkeling van organismen in het geologische verleden.

DNA
Een heel sterk bewijs komt uit de genetica en DNA onderzoek. Via onderzoek aan de structuur van eiwitten en het DNA zijn stambomen gemaakt. Dit kan door te kijken hoeveel het DNA van de verschillende soorten op elkaar lijken. Zo blijkt de dat het DNA van de mens en bijvoorbeeld de chimpansee voor 96% gelijk zijn. Genetisch onderzoek bewijst ook het voorkomen van mutaties (wijzigingen in het DNA), en dus ook het kunnen ontstaan van nieuwe eigenschappen in een organisme.

Sommige mutaties zijn neutraal (geen positief én geen negatief effect), maar er zijn ook mutaties die een positieve eigenschap of een negatieve eigenschap tot gevolg hebben in het organisme. Negatieve eigenschappen zullen in de loop van de tijd niet bewaard blijven in een populatie, maar een positieve eigenschap natuurlijk wel. Kleine stapsgewijze veranderingen kunnen na talloze generaties uiteindelijk grote veranderingen in een soort veroorzaken.

Conclusie

Het sterkste bewijs voor de juistheid van de evolutietheorie is dat alle bovengenoemde takken van wetenschap naar dezelfde conclusies leiden. Wetenschappelijke bewijzen voor evolutie zijn dan ook overweldigend en onweerlegbaar.


De volgende informatie over fossielen is beschikbaar:

 

© webmaster@fossiel.net