www.fossiel.net

 Home Fossielen Conserveren & Prepareren van fossielen


Fossielen kunnen het beste bewaard worden zoals ze gevonden zijn. Alleen als het niet anders kan moeten we ze conserveren zodat ze niet verloren gaan. De meeste fossielen uit gesteenten moeten eerst nog uit het gesteente worden vrijgelegd zodat ze beter te bekijken zijn. Op deze pagina worden de meest gebruikte technieken beschreven om fossielen te conserveren en te prepareren.

Conserveren

  • Fossielen uit zout water:
    Deze fossielen moeten een paar weken in schoon kraanwater worden gelegd. Dit een paar weken volhouden en regelmatig het water verversen, en het zout is eruit. Zeer grote fossielen moeten uiteraard langer in het water verblijven. Als je dit niet doet komen er door de werking van het zout op den duur scheuren in je fossielen en kunnen ze uit elkaar vallen. Dit geld bijvoorbeeld voor de haaientandenKlik hier voor info ! uit Cadzand.

    Voor botmateriaal dat bijvoorbeeld uit de Noordzee is gevist wordt vaak conservering met houtlijm toegepast. De botten moeten wel eerst grondig ontzilt worden! Door de poreuze botstructuur zal het conserveermiddel diep in het fossiel doordringen. Hiervoor los je waterbestendige witte houtlijm (D3 waterbestendige polyvinylacetaat) op in water, verhouding 1:25. Enkele uren ondergedompeld in de vloeistof leggen totdat er geen belletjes meer opstijgen. Daarna drogen in een koele ruimte.

  • Fossielen die pyriet / zwavel bevatten:
    Sommige fossielen bevatten pyriet. Dit kan reageren met lucht, en na verloop van tijd houd je alleen een hoopje gruis over (zie foto). Pas op, want het gele zwavel wat overblijft is giftig! Fossielen met pyriet komen onder andere voor in sommige fossielen van de vindplaats Cap Blanc Nez (Noord Frankrijk) en bijvoorbeeld fossiel hout uit Antwerpen.

    Het is dus zaak om deze fossielen luchtdicht af te sluiten. Er zijn hiervoor verschillende methoden. Vroeger werden methoden als diverse soorten lak, archeoderm, haarlak en velpon gebruikt. Begin hier niet aan, want het is onvoldoende effectief! Geen enkele methode is 100% effectief, dus het blijft belangrijk om regelmatig deze fossielen te controleren.

    De beste methode tot nu toe is om deze fossielen in gesmolten parafine (kaarsvet) met petroleum (verhouding 1:1) te leggen. Je haalt ze er na 10 minuten weer uit, en je laat ze afkoelen. Daarna met een doek de fossielen opwrijven, en ze zijn klaar. De fossielen worden door deze methode wel donkerder.

  • Hele brosse of gebroken fossielen:
    Brosse fossielen kunnen het beste geimpregneerd worden met een verdunde lijmstof. Hiervoor kunnen ze het beste ondergedompeld worden. Met een kwastje opbrengen kan ook, maar het zal dan niet zo diep doordringen in het fossiel. Hiervoor zijn verschillende lijmstoffen beschikbaar. Belangrijk is dat de stof weer te verwijderen moet zijn (reversibel), dat de stof lange tijd goed blijft, en dat het fossiel niet wordt aangetast door bijvoorbeeld vrijkomende zuren. De meeste impregneermiddelen zijn in geconcentreerde vorm prima als lijm te gebruiken.

    De lijmstoffen Osteofix, Paraloid en Butvar komen in korrels (granulaat) en moeten opgelost worden in aceton (bouwmarkt). Bij gebruik goed ventileren of buiten doen dus!

    Voor onregelmatige breuken in fossielen kan het beste een tweecomponentenlijm (epoxy) worden gebruikt. Deze vult de breuk meteen goed op. Deze methode is echter niet goed meer terug te draaien, maar soms de enige keus.

    Samenvatting:
    Geschikt voor fossielen: Ongeschikt voor fossielen:
    Osteofix (bij poreuze breekbare fossielen) Velpon of hobbylijm (scheurt en vergeeld)
    Butvar Secondenlijmen (niet reversibel)
    Paraloid (acryloid) Archeoderm (verkleurd en is giftig)
    Twee-componenten lijm (voor het lijmen van onregelmatige breuken) Bijenwas of olie (verkleurd en kleeft)
    Houtlijm oplossing (voor Pleistoceen botmateriaal) Blanke lak en andere lakken (verkleurd en barst)
    Parafine / Petroleum oplossing (voor pyriet fossielen) Haarlak (...)




Prepareren

Prepareren is het vrijleggen van het fossiel als het fossiel nog (gedeeltelijk) in het gesteente zit. Je zult eerst de keuze moeten maken of je het fossiel volledig uit het gesteente wilt halen, of dat je een gedeelte van de gesteente matrix laat zitten. Dat laatste kan erg mooi zijn, en het is ook nog handig voor de stevigheid van het fossiel.

Je kunt proberen met een klein beiteltje en bijvoorbeeld een kleine schroevendraaier het fossiel verder vrij te leggen. Een kwastje is handig het gruis weg te vegen. Als het fossiel breekt, kun je deze weer proberen te lijmen. Natuurlijk kan dit beter voorkomen worden. Het gebruik van een hamer veroorzaakt trillingen waardoor het fossiel kan breken. Beter is het om voorzichtig te krabben en om een tang te gebruiken.

In musea wordt gebruik gemaakt van luchtdrukbeiteltjes en microzandstralen om fossielen te prepareren. Voor de meeste amateurs is dit gespecialiseerde gereedschap echter buiten bereik, maar het zijn wel de meest snelle en effectieve methoden. Voor amateurs zijn zaken als ultrasoon reiniging (beperkt effectief voor fossielen) en electrisch prepareergereedschap zoals een dremel multitool wel bereikbaar.

Voor het gebruik van luchtdruk beiteltjes en microzandstralen is een compressor nodig. De prepareernaald of luchtdrukbeitel is verbonden met de compressor met een slang en trilt tot tienduizenden keren per minuut. Met deze methoden kan zeer nauwkeurig worden geprepareerd. Zie het stuk over prepareren met een luchtbeitel elders op deze pagina. Met de zandstraalmethode spuit je onder hoge druk kleine korreltjes op de steen, waardoor deze afslijt. Denk bij deze prepareermethoden wel aan bescherming tegen stof en lawaai! Zandstralen moet in een stofdichte kast gedaan worden zodat je de stof niet inademd.

Fossielen in kalksteen kun je proberen schoon te maken met pure (schoonmaak)azijn. Andere zuren zijn niet zo geschikt voor thuisgebruik. De azijn reageert met de kalk en deze lost op. Pas hiermee wel op, want het fossiel kan hierdoor ook beschadigen! Eerst experimenteren op afvalstukken.

Een uitgebreide bespreking van alle prepareer en conserveringsmethoden vind je in het boek "Praktijkgids fossielen (Fossielen verzamelen, prepareren en er ook nog wat mee te doen)" van Anne Schulp. Uitgeverij KNNV.



Voorbeeld van handmatig prepareren:

In dit voorbeeld zie je een platte zee-egelKlik hier voor info ! uit de Algarve in Portugal vóór en na het prepareren. Deze zee-egel was erg fragiel en is uit elkaar gevallen in 12 stukken. Alle stukken zee-egel zijn voorzichtig ontdaan van alle gesteente, en daarna weer nauwkeurig aan elkaar gelijmd. Het prepareren van dit fossiel heeft ongeveer 25 uren gekost.


Vóór: Zo zag de zee-egel eruit voor het prepareren. Overal zaten er nog kalksteenresten op en het fossiel zit vol met barsten en dreigt in stukken te breken.


Na: De zee-egel is heel voorzichtig uit elkaar gehaald. De zeven stukken zijn vervolgens met een kwastje stofvrij gemaakt en daarna weer aan elkaar gelijmd. Na het drogen van de lijm zijn de kalkresten voorzichtig verwijderd met behulp van een kleine schoevendraaier en een tang.

 

Prepareren met een luchtbeitel (Door Tomas Hekkers)

Het is bekend feit dat fossielen verpakt zitten in steen. Soms is het zo dat een goedgemikte slag van je hamer de steen openbreekt op het fossiel en het zo het daglicht weer ziet na vele miljoenen jaren. Je hoeft er daarna nauwelijks of niets aan te prepareren. In het ergste geval zit het fossiel verpakt in een dichte steensoort zonder enigerlei logisch breekvlak. In dat geval ontkom je er dus niet aan het geheel te moeten uitprepareren. Hiervoor zijn meerdere technieken en de hedendaagse technologische vooruitgang biedt hierin steeds meer mogelijkheden. Onthoud in elk geval de basisregel prepareren: nooit in het veld te doen vanwege het zoek raken van kleine (essentiele) delen van je fossiel. Thuis doen dus.

Het apparaat

Zo'n geavanceerde stap in dit prepareren is een micro-luchtbeitel. Het apparaat kan in een half uurtje waar je handmatig 4 uur over zo doen. Bovendien is de kans op beschadiging een stuk minder dan handmatig werken. De beitel wordt aangedreven door samengeperste lucht en je hebt uitvoeringen die zo'n 15.000 toeren per minuut 'slaan'. De werkdruk varieert van 3 tot 7 bar. Luchtbeitels heb je in meerdere uitvoeringen. Het verschil zit vaak in de beitelnaald; je hebt deze in een punt- en beitelvorm en verder in verschillende maten en lengten. De keuze is onder andere afhankelijk van de soort steen die je wilt verwijderen. Vaak kun je nog een fijne kop en naald voor het apparaat kopen, maar dit is een erg dure aanvulling. Soms bijna even veel geld als de basisset met een mediumkop. De afgebeelde beitel is de een Chicago Pneumatics met een medium puntnaald.


De luchtbeitel. © Foto: Tomas Hekkers

Randapparatuur

Naast de beitel heb je een compressor nodig, bij voorkeur met een luchttank, zodat de motor niet continue staat te draaien. Verder is een waterscheider handig voor het behoud van je beitel. Een olievernevelaar zorgt voor smering en wordt net als de waterscheider in de luchtleiding gesleuteld. Let erop dat de lucht eerst door de waterscheider en dan door de olienevelaar gaat, anders scheidt de waterscheider de olie ook uit de lucht. Kijk bij de aansluiting dat je onnodige manometers uit de luchtweg sleutelt. Bij stilstand gaan deze redelijk snel kapot en een tweede is niet nodig. Probeer verder overal dezelfde maat snelkoppelingen te gebruiken. De maatweergave is normaliter in inches. Daar zit nogal verschil in; je hebt drie-achtste, een half en drie-kwart-inch. De meest gangbare is een half-inch. Een compressor, waterscheider en olievernevelaar haal je bij de bouwmarkt en voor 150 kun je met deze drie elementen klaar zijn. Je kan kiezen voor een 'fluistercompressor', maar deze zijn erg duur. Het alternatief is een gewone compressor die bijv. in een berging staat terwijl je lucht hebt boven in je werkkamer d.m.v. leidingen.

Verder is een prepareerkast handig om de wegspattende deeltjes bij elkaar te houden. Zo'n kast is eenvoudig zelf te maken. Het exemplaar op de foto is gebouwd uit een oude thermo-kist van het Joegoslavische leger. Zorg ervoor dat als je de kast zelf maakt, je er goede verlichting in aanbrengt, zodanig dat je jezelf niet in het licht zit. De twee armgaten zijn voorzien van rubber flappen om te voorkomen dat er matrix uit spat. Verder is het handig op de bodem een stuk schuimrubber te leggen waar je veilig je stuk op kan leggen. Het schuimrubber dient ook tegen het doorresoneren van het trillen van de beitel en geloof me dat schuimrubber is een investering voor je relatie .


De prepareerkast. © Foto: Tomas Hekkers

Een vaak belangrijk hulpmiddel bij het prepareren zijn optische hulpmiddelen in de vorm van een loeplamp of een stereomicroscoop. Handsfree en rustig kijkend met twee ogen. Dit is het belang van een goede stereomicroscoop bij het prepareren; een half uur turen door verkeerde optiek kan je, als je er een beetje gevoelig voor bent, hoofdpijn voor drie uur geven. En laten we wl wezen; we doen het voor de lol.

Toepassing

De wijze van gebruik van de luchtbeitel is vaak afhankelijk van de matrix; de steen waar het fossiel inzit. Druk niet te veel op de beitel, maar laat hem zelf zijn weg door de matrix slaan. Werk bij voorkeur van het fossiel af om te voorkomen dat je door de steen heen het fossiel beschadigd. Het verwijderen van veel matrix-oppervlak kun je doen door strepen te trekken naast elkaar en daar strepen te trekken die dwars op de eerste reeks staan. Op deze manier kun je snel en efficient materiaal verwijderen. Als je dicht bij het fossiel komt wordt het tricky. Zorg dat je twee handen (vingers) contact met elkaar hebben om te voorkomen dat je doorschiet door je kostbare fossiel heen. Je krijgt dan pikken in het object. Soms is dit niet te voorkomen; je ziet dit terug in de foto van het pygidium van de trilobiet Odontochile cf. hausmanni (Tsjechie). Ik kon het niet voorkomen en de oorzaak was de harde kristalijne zandsteen. Dit stadium van prepareren kost veel tijd omdat je tussen allerlei details steen moet verwijderen.


Staart van de trilobiet Odontochile sp.. © Foto: Tomas Hekkers

Je kan er voor kiezen het fossiel geheel uit de steen te halen, maar vaak is het ook leuk juist het object op de steen te laten zitten. Vaak is het noodzakelijk omdat het een soort fundament voor je fossiel is en het te broos wordt als het geheel vrij is. Onderzoek voordat je begint hoe het beest of de plant in de steen zit en houd er bij voorkeur een schematekening naast om te voorkomen dat je details wegbeitelt. Tenslotte kun je een vrijgeprepareerd fossiel op de steen nog accentueren door er met de luchtbeitel een mooie band omheen te 'krassen'. Hier krijgt de matrix een andere kleur (meestal lichter) dan op de rest van de steen en komt je fossiel mooi naar voren. Pas op dat je het fossiel niet raakt. Je kan met de punt krassen, zoals je een plaatje inkleurt met een stift. Je kan ook de zijkant van de naald gebruiken om bredere banen mooi glad te maken. Op de onderstaande foto's kun je mooi zien hoe een cranidium van de trilobiet Hydrocephalus carens (Tsjechie) van ruw-gevonden uiteindelijk met zo'n band wordt uitgeprepareerd.




Verschillende stadia van prepareren van de trilobiet Hydrocephalus uit Tsjechie. © Foto: Tomas Hekkers

Een laatste handige toepassing van de luchtbeitel is dat je in de steen ook kunt schrijven (puntnaald). Hierdoor kun je voor altijd vindplaats, naam of formatie onder op het stuk graveren.

Samengevat is de luchtbeitel een waardevolle en in sommige gevallen noodzakelijk gereedschap om gevonden materiaal goed uit te kunnen prepareren. De aanschaf en aansluiting is relatief simpel en een complete set is al verkrijgbaar vanaf ongeveer 300 euro.


Met dank aan Tomas Hekkers <:{{{{{> voor het schrijven van dit stuk!


De volgende informatie over fossielen is beschikbaar:

 

© webmaster@fossiel.net